Implantaat bij botverlies: is het mogelijk?
Botverlies betekent niet automatisch dat een implantaat niet mogelijk is. Dankzij moderne technieken zoals 3D-diagnostiek en botopbouw kunnen veel patiënten alsnog succesvol behandeld worden. De haalbaarheid hangt af van de hoeveelheid en kwaliteit van het kaakbot, de mondgezondheid en de positie van het implantaat. In sommige gevallen is een implantaat direct mogelijk, terwijl in andere situaties eerst botopbouw of een sinuslift nodig is. Een persoonlijk onderzoek met een 3D-scan is essentieel om te bepalen welke behandeling het meest geschikt is en om een duurzaam en voorspelbaar resultaat te bereiken.
Oplossingen met of zonder botopbouw in Schiedam
Geschreven door Danilo Di Vico — tandheelkunde en digitale implantologie bij 3D Tandarts Schiedam
– Laatst bijgewerkt: juni 2026 –
Veel patiënten horen dat ze “te weinig bot” hebben voor implantaten. In werkelijkheid betekent dit vaak niet dat een implantaat onmogelijk is.
Bij 3D Tandarts in Schiedam, bevestigd binnen het Station Schiedam Centrum, kunnen wij dankzij moderne technieken zoals 3D-scans, botopbouw en digitale planning implantaten ook bij botverlies in veel gevallen plaatsen.
De enige manier om dit zeker te weten is een persoonlijke beoordeling.
Wat is botverlies?
Botverlies in de kaak ontstaat wanneer het kaakbot langzaam afneemt. Dit gebeurt vaak na:
- het verlies van een tand of kies
- langdurig dragen van een volledige of partiële prothese
- parodontitis (tandvleesontsteking)
- ontstekingen in de kaak
Omdat dit proces geleidelijk verloopt, merken veel mensen het pas laat.
Waarom is voldoende kaakbot belangrijk voor een implantaat?
Een implantaat moet in het kaakbot stevig kunnen vastgroeien om jarenlang stabiel te blijven functioneren. Daarom wordt niet alleen gekeken naar de hoeveelheid bot, maar ook naar de kwaliteit en de plaats waar het implantaat moet komen.
Bij de beoordeling wordt onder andere gekeken naar:
- de hoogte en breedte van het kaakbot;
- de dichtheid en kwaliteit van het bot;
- de afstand tot zenuwen en de kaakholte;
- de positie van de toekomstige kroon of brug;
- de mogelijkheid om het implantaat goed schoon te houden.
Het doel is niet alleen een implantaat te plaatsen, maar een voorspelbaar en duurzaam eindresultaat te bereiken.
Hoe wordt onderzocht of u voldoende bot heeft?
Hoe wordt dit in de praktijk bepaald?
Dat “kijken naar bothoogte, zenuwen en positie van de kroon” gebeurt niet op gevoel, maar via een gestructureerd digitaal planningsproces.
1. 3D-scan van de kaak (CBCT)
Er wordt een CBCT-scan gemaakt van de kaak.
Hiermee wordt in drie dimensies zichtbaar:
- de exacte hoeveelheid bot
- het verloop van de zenuw
- de positie van de kaakholte (sinus)
- eventuele botdefecten
Dit vormt de basis voor de verdere planning.
2. Digitale planning van het implantaat
Met gespecialiseerde software wordt het implantaat virtueel geplaatst. Dit is onderdeel van computer-geleide implantologie, waarbij de positie van het tandimplantaat digitaal wordt bepaald vóór de echte ingreep en vaak wordt overgezet met een chirurgische boormal (surgical guide).
Daarbij wordt bepaald:
- de optimale hoek en positie van het implantaat
- de beschikbare bothoogte en -breedte
- de afstand tot zenuwen en sinus
- de relatie met de toekomstige tandpositie
Hierdoor wordt vooraf exact duidelijk waar het implantaat veilig kan worden geplaatst.
3. Prothetische planning van de tand
De positie van het implantaat wordt bepaald door de uiteindelijke tand, niet andersom.
Daarom wordt vooraf gepland:
- de vorm en positie van de kroon of brug
- de functionele beet
- de esthetische aansluiting op de overige tanden
- de mogelijkheden voor mondhygiëne
Dit wordt ook wel prothetisch gedreven implantologie genoemd.
4. Vertaling naar de chirurgische uitvoering
Op basis van de digitale planning wordt de behandeling uitgevoerd.
Afhankelijk van de situatie gebeurt dit:
- met een chirurgische boormal
- of met een volledig digitaal voorbereide vrijhandtechniek
- soms in combinatie met botopbouw
Hierdoor kan de vooraf geplande positie nauwkeurig worden overgenomen in de mond.
Waarom is dit belangrijk?
Het doel is niet alleen het plaatsen van een implantaat, maar het realiseren van een voorspelbaar en duurzaam eindresultaat dat:
- functioneel correct is
- esthetisch natuurlijk oogt
- goed reinigbaar blijft
- langdurig stabiel is
Wanneer is een implantaat mogelijk zonder botopbouw?
Een implantaat kan vaak direct worden geplaatst wanneer:
- de tand nog niet lang ontbreekt;
- voldoende botvolume aanwezig is;
- geen actieve ontsteking bestaat;
- de implantaatpositie gunstig is;
- een stabiel en goed reinigbaar eindresultaat haalbaar is.
Zelfs bij beperkt botverlies kan een implantaat soms zonder aanvullende behandeling worden geplaatst dankzij een zorgvuldige planning.
Botopbouw bij implantaten
Wanneer is botopbouw nodig?
Wanneer er onvoldoende kaakbot aanwezig is om een implantaat veilig en stabiel te plaatsen, kan botopbouw noodzakelijk zijn. Het doel is voldoende ondersteuning creëren zodat het implantaat goed kan vastgroeien en op de juiste positie geplaatst kan worden.
Botopbouw wordt onder andere overwogen bij:
- ernstig botverlies na tandverlies;
- botafbraak door parodontitis;
- een smalle kaakwal;
- onvoldoende bothoogte;
- botdefecten na ontstekingen;
- onvoldoende bot onder de sinus in de bovenkaak.
Welke vormen van botopbouw bestaan er?
Afhankelijk van de situatie zijn verschillende technieken mogelijk.
Bij beperkt botverlies kan een kleine lokale botopbouw worden uitgevoerd rond het implantaat. Bij uitgebreidere defecten kan eerst een regeneratieve behandeling plaatsvinden voordat het implantaat wordt geplaatst.
In de bovenkaak kan daarnaast een sinuslift nodig zijn wanneer de kaakholte onvoldoende ruimte laat voor een veilige implantaatplaatsing.
Of botopbouw gelijktijdig met het implantaat kan plaatsvinden of eerst apart moet genezen, hangt af van de hoeveelheid beschikbaar bot en de gewenste stabiliteit.
Hoe verloopt de behandeling?
De behandeling gebeurt meestal onder plaatselijke verdoving. Tijdens de ingreep voelen patiënten doorgaans druk en trillingen, maar geen scherpe pijn.
Na afloop kunnen lichte napijn, zwelling en gevoeligheid optreden. Bij grotere botopbouwen kan het herstel uitgebreider zijn dan bij een standaard implantaatplaatsing.
Hoe lang duurt het herstel?
Het tandvlees herstelt meestal binnen enkele weken, terwijl het nieuw gevormde bot meerdere maanden nodig kan hebben om volledig te genezen.
Gedurende deze periode wordt vaak geadviseerd:
- tijdelijk zachte voeding te gebruiken;
- het behandelde gebied goed schoon te houden;
- roken zoveel mogelijk te vermijden;
- controles volgens afspraak bij te wonen.
Pas wanneer voldoende botgenezing is opgetreden, kan het implantaat definitief worden belast.
Implantaten na parodontitis
Ook na parodontitis kan een implantaat mogelijk zijn, mits de ontsteking volledig onder controle is en de mondhygiëne goed wordt onderhouden.
Regelmatige controles en professionele nazorg zijn belangrijk om het risico op peri-implantitis en nieuw botverlies te beperken.
Is een second opinion zinvol?
Een second opinion kan waardevol zijn wanneer eerder is verteld dat implantaten niet mogelijk zijn of wanneer verschillende behandeladviezen zijn gegeven.
Met nieuwe beeldvorming en moderne behandeltechnieken blijken soms alsnog mogelijkheden te bestaan die eerder niet werden overwogen.
Welke alternatieven zijn er?
Niet iedere situatie vraagt om dezelfde oplossing. Afhankelijk van de hoeveelheid bot en uw wensen kan gekozen worden voor:
- een implantaat zonder botopbouw;
- een implantaat gecombineerd met botopbouw;
- een implantaat met sinuslift;
- een brug;
- een klikgebit;
- een andere prothetische voorziening.
De uiteindelijke keuze hangt af van functie, esthetiek, onderhoud, comfort en de langetermijnprognose.
Wat gebeurt er als u wacht?
Wanneer een ontbrekende tand lange tijd niet wordt vervangen, kan het kaakbot verder slinken. Ook kunnen omliggende tanden verschuiven of kan de behandeling later complexer worden.
Niet iedere situatie vereist directe behandeling, maar een tijdige beoordeling helpt om toekomstige opties open te houden.
Wat kost een implantaat bij botverlies?
De uiteindelijke kosten hangen af van de individuele situatie en kunnen bestaan uit:
- diagnostiek;
- een eventuele 3D-scan;
- botopbouw;
- implantaatplaatsing;
- de kroon of brug;
- controles en nazorg.
Daarom is een persoonlijke begroting altijd noodzakelijk.
Doet een implantaat of botopbouw pijn?
Dankzij plaatselijke verdoving hoort u tijdens de behandeling geen scherpe pijn te ervaren. Na afloop zijn lichte napijn, zwelling en gevoeligheid normaal en meestal tijdelijk.
De meeste klachten verdwijnen geleidelijk gedurende de eerste dagen na de behandeling.
Als u meer wilt weten over dit onderwerp, kunt u hier klikken.
Wanneer is een implantaat minder geschikt?
Een implantaat is niet altijd de beste oplossing. Dat kan bijvoorbeeld het geval zijn bij:
- actieve parodontitis;
- onvoldoende mondhygiëne;
- bepaalde medische aandoeningen;
- risicofactoren die de botgenezing beïnvloeden;
- situaties waarin een zeer uitgebreide reconstructie nodig zou zijn.
In dergelijke gevallen kan een brug of klikgebit een betere keuze vormen.
Conclusie
Botverlies betekent niet automatisch dat een implantaat onmogelijk is. Dankzij moderne diagnostiek en technieken zoals botopbouw kunnen veel patiënten alsnog succesvol worden behandeld.
De enige betrouwbare manier om te bepalen welke behandeling het meest geschikt is, blijft een persoonlijk onderzoek met klinische beoordeling en indien nodig een 3D-scan. Zo kan een behandelplan worden opgesteld dat niet alleen technisch mogelijk is, maar ook op lange termijn veilig, functioneel en voorspelbaar is.
